meer info

Studiewijzer Praktische menskunde
(de term is ontleend aan Ate Koopmans)

 Doelgroep

Mensen die met mensen werken. Te onderscheiden in en vanuit diverse disciplinaire verbanden. Zij die naast de ‘hard skills’ evenzeer de ‘soft skills’ in de vingers willen krijgen.


 Doel

Het trainen van een systeem dynamische onderzoeksgang rond het ‘verschijnsel mens’.

 

‘Praktische menskunde’ is een ‘hypothetisch oriëntatiepunt’ om al doende zicht te krijgen op het fenomeen mens, menselijkheid, mensdom, etc., als een te onderscheiden niveau binnen het geheel van de vier rijken: mineraal, plant, dier en mens.

 

In praktische menskunde zijn we op zoek naar het ‘wezen’ dat zich manifesteert in al haar onderscheiden verschijningsvormen, samengevat in wat nu heet de ‘geesteswetenschappen’ (W.Dilthey).

 

Gezien de aard van de training werken we met drie te onderscheiden zielsniveaus: het denken, voelen en willen (Plato), evenzeer op drie te onderscheiden niveaus: lichaam, ziel en geest. We werken in een drieledig mensbeeld.

 

Evenzeer komt aan de orde een vierledig mensbeeld voorzover daarin betrokken worden: de 4 elementen, de 4 ethersoorten, de 4 wezensleden en de vier orgaandynamieken.

 

De mens is zo wijd als alle werkelijkheid (W.Berger), dientengevolge werken we op drie onderscheiden niveaus: systematisch, methodisch en logisch om daar zowel theoretisch als praktisch zicht op te krijgen.

 

In de leergang praktische menskunde traint de trainee zichzelf in het vormgeven van het action research model gesitueerd binnen het functionele paradigma (uitleg zie syllabus lerend onderzoeken en onderzoekend leren op artes-sophiae).

 

Uiteindelijk leert de trainee het verschijnsel mens hanteerbaar te bevragen en te begeleiden.


 Te verwerven competenties

De trainee leert werken met systeem dynamisch geconcipieerde werk modellen, het model is niet de werkelijkheid, maar kan helpen zicht te ontwikkelen en vragen te stellen aan het concreet verschijnende. De trainee leert ‘het veld’ (diagram en dynagram) te ‘denken’.

 

De trainee leert aan de hand van life casussen het action reserach model uit te werken met haar onderscheiden fasen: open dating, axial dating, conceptual dating en functional dating. De trainee leert ‘het veld’ te ordenen en te structureren en in deze te ‘willen’.

 

De trainee leert aan de hand van concrete onderzoeksvragen te werken in ‘het veld’, analoog uitgezet in ‘veldopstellingen’. Aan de hand van de reeds verworven open systeem modellen, die voor zover nodig benut kunnen worden aangezien ze compatible en systeem dynamisch zijn geordend, gaat de trainee ‘voeling’ krijgen met het spreekwoordelijke ‘veld’.

 

Het benodigde leermateriaal aan diagrammen en dynagrammen wordt via de website artes-sophiae beschikbaar gesteld.

 De leergang 

De leergang praktische menskunde wordt gekenmerkt door een zelfsturend leer en onderzoeksproces. Men start van meet af aan zich zelf onderzoekend en zichzelf lerend.

 

Je kunt de ander niet leren kennen als je je zelf niet leert kennen langs de omweg van de ander.

 

Een zelfsturende leergang wordt methodisch ingedeeld in een zelf te reguleren leercyclus. Deze bestaat uit vier aspecten: het beoogde leerdoel, het onderhavige leerproces, de te bemensen leervragen en de te benutten leerinhouden. Alle vier systeemdynamisch gemodelleerd in relatie tot alle mogelijke leerstijlen.

 

De leergang vindt plaats in een thema gecentreerde leergroep van 8 trainees sec. De groep organiseert en modelleert haar eigen leergang in goed onderling overleg. Zij kiezen voor elkaar en voor het thema, zij kiezen voor het daarbij horende groepsproces. De wil is het kardinale vertrekpunt, een ieder moet zelf willen leren en onderzoeken.

 

De leergroep krijgt voor haar leergang de benodigde ‘wijzers’ aangereikt: leeswijzer (hoe het dia en dynagram te leren lezen als een gesloten, respectievelijk open systeem model), leerwijzer, werkwijzer, studiewijzer, weefwijzer, onderzoekswijzer, presentatiewijzer, etc. Al deze wijzers zijn systeemdynamisch uitgewerkt en verbeeld in een open systeem model.

 

De leergroep organiseert haar bijeenkomsten naar gelang haar vragen, problemen, dilemma’s en mysteries. Zij organiseert de momenten waarop ze met de onderscheiden begeleiders boven vernoemde aspecten willen bespreken.

 

De begeleiders zijn terzake kundig, gelang de benodigde disciplines, creatief en flexibel inzetbaar ten dienste van de leergang van de zelfsturende leergroep.

 

De leergang kent 12 contractueel vastgelegde werkdagen waarop de begeleiders vraag gestuurd participeren, het staat de leergroep vrij meerdere leermomenten en bijeenkomsten te plannen om de leergang te bevorderen. De geïnvesteerde bijeenkomsten worden gerelateerd aan de benodigde zelfstudie met een minimum van eveneens 12 werkdagen.

 

De leergroep kan besluiten de leergang te beëindigen dan wel voort te zetten door een nieuw contract te sluiten. Aangaande het beëindigen zijn voorwaarden verbonden teneinde een certificaat te bemachtigen. Een afrondende leergang kenmerkt zich door het presenteren van het groepswerkstuk conform het action reserach model.

 

Conform het action research model kan de leergroep een viervoudige leergang leren doorlopen: functional dating, conceptual dating, axial dating, open dating en vice versa.

Dat vraagt een investering van minimaal 4 maal 12 dagen, uit te zetten in een door de groep bepaalde tijdsfasering, elke fase binnen de limiet van een jaareenheid.

 

Een complete leergang is bedoeld voor ‘bouwers’, zij die het systeemdynamisch denken en werken willen eigenen.

Een thema gecentreerde leergang is bedoeld voor ‘gebruikers’, zij die een belangwekkend thema op systeemdynamische wijze willen nutten. Thema’s kunnen zijn: STRESS, RSI, etc. De thema gecentreerde leergroep is vrij een eigen onderzoeksthema te bepalen dan wel het aanbod van artesS te volgen.

Comments